Doorgaan naar hoofdcontent

Mijn Europa

Foto van Cecilienhof (genomen tijdens onze zomervakantie
2012) waar aan het einde van de Tweede Wereldoorlog de
conferentie van Potsdam werd georganiseerd. 
Europa staat de laatste dagen in het middelpunt van de belangstelling. Hoogste tijd dat ik een column wijd aan mijn favoriete onderwerp.

Afgelopen vrijdag maakt het Nobelcomité bekend dat de Europese Unie de Nobelprijs voor de Vrede krijgt: “The union and its forerunners have for over six decades contributed to the advancement of peace and reconciliation, democracy and human rights in Europe”. En verderop in de argumentatie: “The stabilizing part played by the EU has helped to transform most of Europe from a continent of war to a continent of peace”.
Dat is mooi. Van een continent van oorlog naar een continent van vrede.

Maar voor wie is de prijs nu eigenlijk? Voor Martin Schulz, voorzitter van het Europees Parlement? Voor Herman van Rompuy, voorzitter van de Europese Raad? Voor José Manuel Barroso, voorzitter van de Europese Commissie? Of misschien voor bondskanselier Angela Merkel?
Laten we zeggen: voor ons allemaal. Gefeliciteerd!

Laat ik voorop stellen dat ik hartstikke blij ben dat Europa deze prijs nu krijgt. Verdiend.

De kritiek is er ook. Zoals, tien jaar geleden had deze vredesprijs beter gepast; of over tien jaar. De NAVO heeft veel meer gedaan voor de vrede in Europa. Het Europa van nu is verzwakt doordat teveel staten zijn toegelaten die op de pof leefden. Of de Europese idealen - zeker onder de burgers - zijn verdwenen.

Dat samenbindende argument van vrede en veiligheid, voel ik (ook) niet. Misschien heeft dat te maken met mijn leeftijd. Want dat er oorlog zou kunnen komen in Europa, houd ik eigenlijk voor onmogelijk. Oorlog in Europa? Dat is geschiedenis. Zeventig jaar geleden. Honderd jaar geleden. En nog verder terug.

De euro. Beurskoersen. Schulden van Zuid-Europese landen. Obligaties. Dit bepaalt de laatste tijd veel meer het beeld van Europa. Gedoe. Crisis.
Bij de toelating van landen tot de EU en/of de euro-zone zijn in het verleden fouten gemaakt. Ook het samensmelten tot één munt – zonder een gemeenschappelijk economisch beleid – is niet goed gegaan. Deze fouten moeten hersteld worden. En daarbij zullen we bevoegdheden moeten overhevelen naar Europa. Gewoon omdat het slimmer is. Omdat we nu eenmaal die gemeenschappelijke munt hebben. Daar moeten we niet moeilijk over doen. We moeten het nu goed regelen.

Míjn Europese idealen zijn de gemeenschappelijke waarden die ons in Europa verbinden. Sociale gerechtigheid, vriendschap, wederzijds respect. Het is toch fantastisch dat wij in een continent wonen met zoveel dat ons bindt. Met de vele talen die er worden gesproken. En culturen die we al reizend door Europa kunnen ontdekken. Met onze gezamenlijke geschiedenis, het goede én het slechte: de oude Grieken, Rome, de Portugese en Spaanse ontdekkingsreizen, onze Gouden Eeuw, ontstaan van Common Wealth, wetenschappelijke revolutie(s)en de industriële revolutie, de Reformatie, de Verlichting en de rechten van de mens, etc.
Dit is wat ons bindt. En waarom wij willen samenwerken. Ja, willen!

De komende tijd zal in het CDA een Europa manifest onder de leden worden besproken. Ik heb nog geen concept gezien, maar ik hoop dat wij in staat zijn om de Europese problemen helder te beschrijven, dat wij de oplossingen stevig kunnen neerzetten en dat we een duidelijke visie op de Europese samenleving zullen verwoorden.
Die visie is er een van gemeenschappelijke waarden. Van verantwoordelijk, vrijheid, creativiteit, rechtvaardig, betrouwbaar, respect, solidariteit en betrokken. Deze idealen zijn van ons, Europeanen, en blijven van ons. En deze idealen zijn helemaal niet verdwenen.

Zo zullen wij óók over tien jaar nog prijzenswaardig zijn en zal de Europese Unie met prijzen worden geëerd. Ook dan weer kunnen alle Europeanen fier zijn op wat er dan bereikt is.

Ik wil een Europa waar we trots op zijn. En jij?

Bert Sonneveld
Politiek columnist, Europa-expert en CDA-lid

Reacties