Doorgaan naar hoofdcontent

Europese Parlementsverkiezingen


Logisch is het om met één lijsttrekker en met één verkiezingsprogramma de verkiezingen in te gaan. Dat doen we lokaal, provinciaal en landelijk. En dat moet ook gaan gebeuren bij de verkiezingen voor een Europees Parlement.

Mijn spreuk voor 2013; voor jou en voor Europa
Het is inmiddels alweer een week geleden dat Cameron zijn toespraak hield. Met zijn analyse ben ik het eens, met zijn oplossingen niet. Hij analyseerde drie problemen. De eurocrisis, vermindering van de concurrentiekracht van Europese bedrijven en slinkende steun van Europese burgers voor hun continent. Op een oplossing voor de derde uitdaging ga ik nu in.

Wij moeten naar echte Europese politieke partijen. Nu stemmen wij op het CDA, straks op de Europese VolksPartij. En op die EVP kunnen we dan in alle landen van Europa stemmen.
Of misschien nu – ik kan het me niet echt voorstellen – stem je op de PvdA, en straks op de Socialisten en Democraten. Hetzelfde met GroenLinks en De Groenen/Vrije Europese Alliantie; SP en Europees Unitair Links/Noords Groen Links; ChristenUnie en Conservatieven en Hervormers. SGP en Europa van Vrijheid en Democratie. En ach, de PVV past in geen fractie.
Of wie weet straks op de Liberalen en Democraten voor Europa, en nu op zowel D66 als VVD. Hé, dat is raar. Bij de laatste verkiezingen stond het ‘ja’ van D66 zo ongeveer haaks op de moeilijk-doenerij van de VVD. Maar in het Europees Parlement zitten ze cosy in één fractie. Dit soort zaken zorgt voor die slinkende publieke steun, waar Cameron het over had.

En in heel Europa is er per partij één en dezelfde lijsttrekker. In alle – vanaf juli 2013 – 28 landen dezelfde. Zo’n lijsttrekker wordt met voorverkiezingen gekozen; een beetje op z’n Amerikaans. Per land kunnen aanhangers van de partijen een stem uitbrengen op hun lijsttrekker. Daarmee betrek je de Europese burger veel meer bij hun werelddeel en hun Europese politici.

Die gekozen lijsttrekker voert in heel Europa campagne met hetzelfde verkiezingsprogramma in alle landen van de Europese Unie. Op de dag voor de verkiezingen wordt ook een debat op alle Europese televisies getoond tussen de lijsttrekkers. Normale zaken dus voor normale verkiezingen.

Vanaf nummer twee staan er nationale kandidaten op de lijst. Ook dat lijkt mij logisch.

De lijsttrekker van de grootste partij wordt na de verkiezingen ook voorzitter van de Europese Commissie. Vergelijkbaar met de lijsttrekker van de grootste partij in een land, hij of zij wordt ook minister-president of bondskanselier of iets dergelijks. De huidige praktijk is dat de regeringsleider wheelen and dealen over de bemensing van de Europese Commissie. Dat is niet transparant en niet democratisch. Ook hierdoor wordt de kloof tussen de Europese burger en hun Unie niet kleiner.
Maar ook een rechtstreeks gekozen Commissievoorzitter, zoals weleens wordt geopperd, lijkt mij niet de oplossing. Een dergelijk gekozen president met logischerwijs veel macht is veel te Amerikaans. Dat past minder bij Europa en minder bij de EVP/ het CDA. De lijsttrekker van de grootste fractie is dan zo gek nog niet.

Europa kan zelf zorgen voor een grotere democratische legitimiteit; voor verkleining van de afstand die nu wordt ervaren tussen burger en de Europese Unie. Door het invoeren van één lijsttrekker en één verkiezingsprogramma bij de verkiezing van Europarlementariërs.
Ik ben voor.

En ben heel benieuwd wat jij van dit voorstel vindt.

Bert Sonneveld
Politiek columnist, Europa-expert en CDA-lid

Reacties